Beke-rapport: Aruba telt 15 tot 16 actieve jeugdbendes

Beke-rapport: Aruba telt 15 tot 16 actieve jeugdbendes

Posted on 8/15/2026, 9:12 AM AST | Updated on 8/15/2026, 9:12 AM AST

ORANJESTAD – Aruba telt tussen de 15 en 16 jeugdgroepen, of gangs, die regelmatig in beeld komen bij politie, justitie en hulpverleningsorganisaties. Deze groepen variëren van informele straatgroepen tot meer gestructureerde criminele netwerken waarin volwassenen jongeren van 14 tot 18 jaar inzetten voor taken die verband houden met drugs, vuurwapens, diefstal en geweld.

Dit is een van de meest alarmerende conclusies uit het rapport De schaduwkant van Aruba, opgesteld door Bureau Beke in opdracht van het Openbaar Ministerie. Het onderzoek is gebaseerd op analyses van officiële gegevens en literatuur, observaties in wijken en 59 interviews en gesprekken met professionals uit justitie, onderwijs, zorg en maatschappelijke organisaties.

Volgens de onderzoekers zijn de 15 tot 16 groepen vooral geconcentreerd in Pos Chiquito, Sabana Basora, Cayennastraat, Village, De Vuyst, Madiki, Dakota en Sero Patrishi. Het rapport stelt niet dat alle kinderen of jongeren die in deze wijken wonen bij criminaliteit betrokken zijn. Het gaat om relatief kleine groepen die wel een grote invloed kunnen uitoefenen op andere jongeren in hun omgeving.

Beke onderscheidt drie typen groepen. Er zijn informele straatgroepen, gevormd door jongeren uit dezelfde wijk of familie, die samen rondhangen, marihuana gebruiken en soms kleine delicten plegen. Daarnaast zijn er meer problematische groepen die bekendstaan als “Soldiers”, met een gezamenlijke identiteit op basis van een naam, kleur, symbool of wijk, en die in verband worden gebracht met vechtpartijen, overvallen en drugshandel.

De ernstigste categorie bestaat uit criminele netwerken waarin volwassen leiders, doorgaans tussen de 20 en 40 jaar, jongere leden als uitvoerders inzetten. Volgens het rapport zijn deze netwerken actief in de handel in drugs en vuurwapens, diefstal en geweld.

De jongeren noemen hun groep zelf niet per se een “gang”. Ze gebruiken namen als Cayennastraat Soldiers, Village Soldiers of Pos Chiquito Crew. De groepen identificeren zich sterk met hun wijk en gebruiken kleuren, tatoeages en hashtags op sociale media om hun verbondenheid te tonen.

Een politieanalist legde aan de onderzoekers uit dat autoriteiten het woord “gang” liever vermijden, omdat dat de groepen meer status zou kunnen geven. Toch spreekt de Papiamentstalige samenvatting in het rapport zelf letterlijk over “15-16 gangs van jongeren”.

REKRUTERING BEGINT AL OP 13- OF 14-JARIGE LEEFTIJD

Een van de meest zorgwekkende aspecten is de leeftijd waarop de rekrutering begint. Volgens Bureau Beke worden jongeren van slechts 13 of 14 jaar door oudere leden de groepen ingetrokken.

In het begin krijgen ze relatief kleine taken: optreden als boodschapper, een locatie in de gaten houden, drugs vervoeren of verkopen en politiebewegingen observeren. Later worden sommigen ingezet voor overvallen of andere zwaardere delicten.

Het rapport signaleert dat volwassenen bewust minderjarigen kunnen inzetten omdat zij verwachten dat een minderjarige een lichtere straf krijgt of detentie kan vermijden. Daardoor wordt het kind niet alleen verdachte, maar ook slachtoffer van criminele uitbuiting.

Familierelaties spelen eveneens een belangrijke rol. In sommige groepen maken vaders, ooms, broers en neven deel uit van hetzelfde netwerk. Zo ontstaat een intergenerationeel patroon waarbij criminaliteit van de ene generatie op de andere wordt doorgegeven.

DRUGS, VUURWAPENS EN GEWELD

Volgens de geïnterviewde professionals worden de groepen in verband gebracht met de verkoop van marihuana, cocaïne en xtc; het bezit en de circulatie van vuurwapens; vechtpartijen; overvallen; autodiefstal; intimidatie en conflicten tussen wijken.

Sociale media vergroten zowel de zichtbaarheid als de intensiteit van het probleem. Snapchat, Instagram en TikTok worden gebruikt om rivalen te bedreigen, wapens te tonen, reputatie op te bouwen en nieuwe leden te rekruteren. Vechtpartijen worden gefilmd en online gedeeld alsof het trofeeën zijn.

De rivaliteit is vooral territoriaal. Het rapport noemt conflicten tussen Village en Cayennastraat, Cayennastraat en Pos Chiquito, en Village en De Vuyst. Een conflict dat online begint of voortkomt uit een ogenschijnlijk kleine ruzie kan escaleren tot ernstig geweld.

Beke wijst erop dat vuurwapens, vaak afkomstig uit Venezuela, binnen sommige groepen circuleren. De combinatie van wapens, drugs en jongeren die “respect” willen verwerven, zorgt voor een bijzonder gevaarlijke situatie.

GEEN EXPLOSIE, MAAR WEL EEN GEVAARLIJKE KERN

Het rapport concludeert niet dat Aruba te maken heeft met een algemene explosie van jeugdcriminaliteit. Op basis van de geanalyseerde gegevens gaat het eerder om een relatief kleine maar hardnekkige groep, voornamelijk jongens en jonge mannen tussen de 14 en 23 jaar, die geweld, drugs en criminele activiteiten combineren.

De maatschappelijke impact is desondanks groot. Op een klein eiland kan een beperkt aantal personen veel onveiligheid, conflicten en schade veroorzaken in verschillende wijken.

De onderzoekers brengen het probleem in verband met armoede, eenoudergezinnen, gebrek aan toezicht, schooluitval, een tekort aan activiteiten na schooltijd en beperkte kansen op de arbeidsmarkt. Voor sommige jongeren die zich niet verbonden voelen met school, werk of samenleving, biedt de straatgroep identiteit, bescherming en status.

ARUBA WEET WAAR HET PROBLEEM ZIT, MAAR CONTINUÏTEIT ONTBREEKT

Bureau Beke concludeert dat de politie, het Openbaar Ministerie, de Reclassering, Jeugdbescherming, KIA en het Veiligheidshuis onder zware druk werken, met structurele tekorten aan personeel, middelen en financiering.

Het rapport adviseert onder meer een Taskforce Jeugd & Gezin, periodieke monitoring van jongeren, meer capaciteit voor zorg en begeleiding en investeringen in onderwijs, werkgelegenheid, sport en veilige activiteiten na schooltijd. Gerichte repressie tegen de gevaarlijkste locaties, groepen en leiders moet samengaan met preventie.

De vraag die regering en justitie nu moeten beantwoorden is niet langer óf Aruba een probleem heeft. Het rapport heeft de groepen, de wijken, de rekruteringsmethoden en de risicofactoren al in kaart gebracht.

De echte vraag is: welke concrete maatregelen zijn genomen sinds de autoriteiten deze informatie ontvingen, en wie draagt de verantwoordelijkheid om te voorkomen dat de volgende 13-jarige het volgende “soldier” wordt?