ORANJESTAD – De rechter zal op 4 juli een antwoord geven op de vraag of de Kamer van Koophandel wel of niet goed gehandeld heeft door de inschrijving van het nieuwe PDR bestuur in zijn registers te weigeren. Omdat de tijd dringt, in verband met de aanstaande verkiezingen, zal rechter Sap proberen eerder uitspraak te doen. Vanochtend vond de behandeling plaats van de zaak die Alonso Tromp uit naam van de 'nieuwe PDR' tegen de Kamer had aangespannen. De Kamer heeft aangevoerd dat men het nieuwe bestuur niet wilde inschrijven omdat niet duidelijk was hoe de zaak intern nu in elkaar zat. Daarom is er voor gekozen om de rechter zich over de vraag naar de rechtsgeldigheid van het nieuwe bestuur te laten buigen. Partijleider Andin Bikker heeft aangevoerd dat Tromp illegaal heeft gehandeld en dat nu nog doet en dat hij niet namens de partij kan handelen.
ANDIN BIJ POR OF PDR?
De grote vraag vanochtend was ook waar het lidmaatschap van Bikker bij de PDR ophoudt en bij de partij POR begint. En of de aansluiting van Bikker bij de nieuwe partij POR volgens de statuten automatisch inhoudt dat zijn lidmaatschap bij de PDR is beëindigd. De discussie hierover tussen de advocaten bracht geen duidelijkheid en het is aan de rechter om hier een oordeel te geven.
DE ZAAK
Tijdens de behandeling van de rechtszaak bleken de interpretaties en inschattingen van de situatie door Tromp en Bikker verwarrend en tegenstrijdig, waardoor er veel ruimte was voor interpretatie. De rechter heeft op een bepaald ingegrepen om duidelijkheid te krijgen. Het draaide in deze zaak om het lidmaatschap, de registratie en de rechten gebaseerd op de statuten. De advocaat van Tromp, mr Faarup, stelde niet aan de integriteit van de hoofd-oprichter van de partij, Andin Bikker te twijfelen, ook niet aan het feit dat het hem is gelukt voldoende stemmen te halen om een zetel in het parlement te bemachtigen. Wel zette hij vraagtekens bij de opstelling van de Kamer van Koophandel, die had geweigerd de namen van het nieuw gekozen bestuur van de PDR in te schrijven. De zaak is aangespannen om te bepalen wie nu de rechtsgeldige bestuursleden zijn en welke taken en bevoegdheden zij hebben. Er is een lijst overgelegd aan de rechter met de namen van wie men denkt dat zij geldige leden zijn. De rechter heeft op een bepaald moment echter aan Tromp en zijn advocaat gevraagd hoe zij die lijst moest beoordelen, als de leden niet zijn ingeschreven. Deze vraag werd gesteld omdat aan de orde kwam dat leden van de PDR een verzoek moeten doen om lid te mogen worden en zich vervolgens moeten laten registreren.
OPSTELLING KAMER VAN KOOPHANDEL
De Kamer van Koophandel liet weten de situatie binnen de PDR onduidelijk te vinden, reden waarom men prudent vond de rechter hier een oordeel over uit te laten geven. Volgens de advocaat van de Kamer, Daniel Rasmijn, wordt het ook uit de statuten niet duidelijk wie lid is en wie niet, en dat geldt ook voor het bestuur. Rasmijn sprak tegen dat zijn cliënt (KvK) niet correct zou hebben gehandeld door het nieuwe bestuur niet te willen inschrijven. De handelwijze van de Kamer moest volgens Rasmijn niet worden gezien als het weigeren van inschrijving, maar als het vragen van een oordeel door de rechter. Dat was nodig, omdat er volgens advocaat binnen de PDR sprake was van een ‘extreme wanorde’ op dit punt.
ANDIN BIKKER
Andin Bikker was ook partij bij deze zaak, omdat hij op het standpunt staat dat hij nog steeds partijleider is en dat Tromp illegaal handelt. Hij herhaalde in de rechtbank zijn al publiek geuitte aantijgingen, namelijk dat zowel de vergadering die op 18 januari jl. plaatsvond en het toen gekozen nieuwe bestuur illegaal zijn. Ook herhaalde hij zijn standpunt dat Tromp geen partijlid is, omdat hij nooit een schriftelijk verzoek heeft gedaan om lid te worden. De handelwijze van Tromp noemde hij een ‘coup d'état’ (staatsgreep), die plaatsvond in een periode dat Bikker uitlandig was. Opmerkelijk was het argument van Bikker dat de partij POR (waar hij zich bij heeft aangesloten) pas in april 2017 als politieke partij door de Kiesraad is ingeschreven. Dus voor die tijd zijn de zaken niet alle zo als Tromp die voorspiegelt. Voor april 2017 had Bikker (nog) alle rechten binnen de PDR.
REACTIE RECHTER
De rechter heeft tijdens de zitting zowel Tromp en Bikker en hun advocaten verschillende vragen gesteld. Aan het begn van de behandeling was er veel onduidelijkheid over vragen inzake het lidmaatschap en wanneer een politieke partij nu echt kan worden aangemerkt als partij. De rechter heeft ook vraagtekens gezet bij de handelswijze van Tromp en zijn aanhang en bij de manier waarop beide partijen hun ledenlijsten bijhouden. Ook zette zij vraagtekens bij het aanhalen van de advocaat van Bikker van wetgeving en jurisprudentie die in Aruba niet geldig zijn. De datum voor de uitspraak is gesteld op 4 juli, met de belofte door de rechter dat zij zal proberen eerder uitspraak te doen.