Willemstad / Philipsburg – Volgens dr. Emsley Tromp, president van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten, blijft de situatie op de betalingsbalans zorgelijk, ondanks enige verbeteringen in 2013. Het tekort op de lopende rekening nam in 2013 enigszins af, maar evenals in het voorgaande jaar, waren de externe financiering en kapitaaloverdrachten vanuit het buitenland niet voldoende om dit tekort op te vangen. Dientengevolge namen de bruto reserves van de centrale bank voor het tweede achtereenvolgend jaar af. Aangezien monetaire beleidsmaatregelen alleen niet voldoende zijn om de situatie op de betalingsbalans te verlichten, blijven maatregelen van de overheden van zowel Curaçao als Sint Maarten noodzakelijk.
Het tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans nam in 2013 af ten opzichte van 2012 door een stijging in de netto exporten van goederen en diensten. Deze stijging was het gevolg van een daling in de importen, gematigd door minder exporten. De daling in de importen kan volledig worden toegeschreven aan de ontwikkelingen in Curaçao. Minder importen door de bedrijven in de vrije zone, de daling in de binnenlandse bestedingen en minder olie-importen hebben geleid tot de daling in de importen. In Sint Maarten daarentegen namen de importen toe, gedreven door de groei in de binnenlandse vraag, meer bestedingen van de toeristen en toegenomen bunkeractiviteiten. De exporten namen voornamelijk af als gevolg van een daling in de herexporten van bedrijven in de vrije zone en een afname van bunkeractiviteiten op Curaçao. De afname in de exporten werd deels gecompenseerd door hogere deviezeninkomsten uit het toerisme (zowel op Curaçao als in Sint Maarten) hogere inkomsten uit transportdiensten aan het buitenland en een toename van de inkomsten uit raffinage en handelsactiviteiten van de Isla raffinaderij. Doordat de buitenlandse financiering niet voldoende was om het tekort op de lopende rekening op te vangen, zijn de bruto reserves van de centrale bank in 2013 gedaald met NAf.47,9 miljoen.
Gezien het hoge tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans en de dalende trend in de reserves, heeft de Bank gedurende 2013 haar verkrappende monetaire beleid voortgezet. Daarom werd het percentage van de verplichte reserve geleidelijk verhoogd van 14,25% aan het einde van 2012 tot 17,00% aan het einde van 2013. Bovendien heeft de Bank meer ’certificates of deposit geveild tegen verschillende looptijden om ze aantrekkelijker te maken voor de banken. Tenslotte heeft de Bank de kredietmaatregel die in 2012 werd geïntroduceerd om de groei in de kredietverlening te matigen, twee keer verlengd in 2013. Eind 2013 werd een maximale groei van 3% in de kredieten toegestaan vergeleken met augustus 2012. De kredietmaatregel verklaart deels de daling in de private kredietverlening, in het bijzonder op Curaçao. In Sint Maarten neemt de private kredietverlening sinds 2011 af.
De monetaire beleidsmaatregelen die door de Bank zijn genomen, hebben bijgedragen aan een verbetering van de situatie op de betalingsbalans. Dit blijkt uit een daling van het tekort op de lopende rekening en - sinds de laatste maanden van 2013 - een ommekeer in de dalende trend van de bruto reserves van de Bank. Desondanks blijft de situatie op de betalingsbalans zorgwekkend aangezien het tekort op de lopende rekening als percentage van het BBP nog onhoudbaar hoog is. Zoals reeds eerder aangegeven, zal een aanhoudend krap monetair beleid de economische groei op de middellange termijn belemmeren. Hierdoor is het noodzakelijk dat de overheden van Curaçao en Sint Maarten beleidsmaatregelen ontwikkelen om buitenlandse investeerders aan te trekken en de exportbasis te verbreden, zodat de externe onevenwichtigheden op een duurzame manier kunnen worden aangepakt. Alleen een exportgerichte benadering zal een solide basis leggen voor de vooruitgang van onze landen.