ORANJESTAD – De oud-directeur van WEB Aruba NV, Oslin "OJ" Boekhoudt heeft zijn rechtszaak tegen zijn voormalig werkgever verloren. Boekhoudt vocht zijn ontslag aan omdat dit naar zijn mening onredelijk was, reden waarom hij in rechte een financiële compensatie vorderde. De rechter heeft de vordering echter afgewezen en de oud-directeur veroordeeld tot het betalen van de kosten van de procedure.
ARGUMENTEN BOEKHOUDT
Volgens Boekhoudt was bij zijn ontslag niet de juiste weg bewandeld en waren er gebreken in de gevolgde ontslagprocedure. De manier waarop hij onmiddellijk naar huis is gestuurd heeft was diffamerend voor hem. Ook de redenen voor het ontslag waren niet terecht en er was geen deugdelijke grondslag, aldus Boekhoudt, die bovendien vond dat de afvloeiingsregeling die hij had gekregen niet in overeenstemming was met zijn functie en zijn leeftijd. Boekhoudt voerde tot slot aan dat het ontslag berust op valse of voorgewende redenen.
OVERWEGINGEN RECHTBANK
De rechtbank was het echter niet met de stellingen van Boekhoudt eens. Volgens het gerecht wordt een statutair directeur geworven op zijn persoonlijke kwaliteiten, die in een belangrijke mate de basis vormen voor de ontwikkeling en daarmee de winstgevendheid van de onderneming. Het in een directeur gestelde vertrouwen kan op elk moment blijken te ontbreken, aldus de rechtbank, met haast noodzakelijkerwijs het vertrek van die directeur tot gevolg.
In veel gevallen rechtvaardigt die kwetsbare positie ook het hoge salaris van de directeur, want als er iets mis gaat, betekent dat vaak zijn ontslag. De rechter maakte ter verduidelijking een vergelijking tussen het ontslag van een directeur en dat van een ‘gewone’ werknemer. Het ontslag van een directeur wordt door de rechter vanwege het hoge salaris en vaak afspraken over een afvloeiingsregeling minder snel onredelijk gevonden dan het ontslag van een gewone werknemer. Het feit dat Boekhoudt destijds akkoord is gegaan met het ontslagbesluit heeft volgens de rechter bovendien tot gevolg dat hij eventuele formele gebreken in de gevolgde ontslagprocedure heeft geaccepteerd.
Voor wat betreft de nadelige gevolgen van Boekhoudt was de rechter van oordeel dat deze minder zwaar wegen dan het nadelige gevolg voor de WEB wanneer Boekhoudt als statutair directeur zou aanblijven. De WEB zou dan een directeur hebben in wiens functioneren het vertrouwen is komen te ontbreken. Dat neemt niet weg dat de gevolgen voor Boekhoudt zwaar zijn, maar zij wegen volgens de rechter niet op tegen het belang van de WEB om een directeur te hebben waar men vertrouwen in heeft. De vorderingen van Boekhoudt zijn daarom afgewezen. Lees het vonnis hier.