ORANJESTAD – De Arubaanse overheid is heel terughoudend met een reactie op de bewering van het Venezolaanse parlementslid Elías Matta, dat de Citgo-deal illegaal zou zijn. “Dat is een interne aangelegenheid,” zei minister De Meza maandagochtend. De minister wilde verder niet op de zaak in gaan. De vraag of Venezuela niet beter in eigen land kan investeren dan in Aruba moet volgens De Meza door de Venezolaanse politiek worden beantwoord en hij verzekerde dat er garanties zijn dat CITGO in Aruba moet investeren: er ligt vast wie de raffinaderij gaat exploiteren en met welke capaciteit en wat de consequenties zijn bij contractbreuk.
KLACHT LID PARLEMENT
NoticiaCla.com heeft eerder over een verklaring van Matta bericht, waarin hij stelt dat de Venezolaanse regering een overeenkomst heeft gesloten met Aruba zonder dat men met de Asamblea Nacional (het parlement) heeft geconsulteerd. Matta, die vice-president is van de commissie voor energiezaken van het Venezolaanse parlement, heeft deze kritiek volgens het dagblad Diario de Caracas zondag geuit. Matta zou hebben gezegd dat het parlement geen enkele informatie heeft gekregen over enige overeenkomst met het bedrijf CITGO: “Wij weten van niets en we weten ook niet in welke staat de raffinaderij zich bevindt,” aldus Matta. “Venezuela wil de raffinaderij gebruiken om de ruwe olie te veredelen, zodat deze voor een hogere prijs kan worden verkocht.”