Enquête: Vóór Nederlands als instructietaal en vóór homohuwelijk

Enquête: Vóór Nederlands als instructietaal en vóór homohuwelijk

Posted on 7/25/2017, 10:54 AM AST | Updated on 7/25/2017, 10:55 AM AST

ORANJESTAD – De meeste deelnemers aan de recente enquête van NoticiaCla en Doc Opleiding vinden dat personen van hetzelfde geslacht met elkaar in het huwelijk mogen treden en zijn tegen de afschaffing van het Nederlands als instructietaal op scholen. Beide vragen werden ook gesteld tijdens het afgelopen Millennials-debat, waarbij de partijleiders deze vraag alleen met een simpel  ja of nee mochten beantwoorden. Opvallend is dat de partijleiders de vraag anders hebben beantwoord dan de lezers van NoticiaCla: de meesten waren tegen het zogenaamde homohuwelijk en vóór de invoering van het Papiamento als instructietaal op school.

Tijdens het recente politiek debat kregen de politieke leiders verschillende vragen voorgeschoteld die zij alleen met ja of nee mochten beantwoorden. Hoewel ze dat niet fijn vonden, hebben ze de vragen wel beantwoord. Vooral de leiders van de MEP en de MAS vonden het moeilijk om de vraag over het homohuwelijk met alleen ja of nee te beantwoorden, verklaarden zij later aan NoticiaCla. Van de vijf vragen hadden alle politiek leiders op 3 hetzelfde antwoord.

Bij de vragen over de introductie van het Papiamento op school en het homohuwelijk gaven de politieke leiders verschillende antwoorden. De RED, RAIZ, UPP en POR zeiden voor het homohuwelijk te zijn en de MEP, PPA, MAS, CURPA en ABO waren tegen. Van de deelnemers aan de enquête zei 53.6% voor te zijn en 39.42% tegen. Op de vraag of de instructietaal op scholen van het Nederlands moest worden veranderd naar het Papiamento zeiden alleen MAS en CURPA nee, en zeiden RED, MEP, PPA, RAIZ, UPP, ABO en POR ja. In de enquête was 54.58%  tegen en 38.85% voor deze wijziging.

ANDERE VRAGEN

Bij de andere vragen was er niet veel verschil tussen de uitkomsten van de enquête en de antwoorden van de politieke leiders tijdens het Millennials-debat. Het betrof hier onder meer vragen over de verkleining van het overheidsapparaat, de introductie van indirecte belastingen en transparantie bij de financiering van politieke partijen. Hier zal een volgend artikel over gaan.